ECLI:NL:RBMNE:2019:3976
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering toekenning IVA-uitkering wegens niet-duurzame arbeidsongeschiktheid
Eiseres ontvangt sinds maart 2018 een loonaanvullingsuitkering op grond van de Wet WIA vanwege volledige arbeidsongeschiktheid. Na melding van toegenomen klachten zijn verzekeringsgeneeskundige en arbeidskundige onderzoeken uitgevoerd, leidend tot een besluit van het UWV om de IVA-uitkering te weigeren omdat geen sprake is van duurzame arbeidsongeschiktheid.
Eiseres stelde dat zij recht heeft op de IVA-uitkering en voerde formele bezwaren aan tegen de besluitvorming, waaronder het ontbreken van ondertekening van rapportages en het niet informeren van haar gemachtigde. De rechtbank oordeelde dat deze formele bezwaren niet gegrond zijn, omdat het UWV-beleid voorziet in niet-ondertekende rapportages en de gemachtigde op de hoogte was.
Inhoudelijk stelde eiseres dat haar klachten verergerd zijn en dat geen verbetering meer mogelijk is. De rechtbank verwees naar eerdere uitspraken waarin werd vastgesteld dat behandeling nog mogelijk is, zoals een multidisciplinair revalidatietraject of operatieve interventie voor haar rechterschouderklachten. De verzekeringsarts motiverde overtuigend dat eiseres niet duurzaam arbeidsongeschikt is omdat zij nog behandelopties heeft en de overige klachten mild zijn.
De rechtbank concludeerde dat de weigering van de IVA-uitkering terecht is en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de IVA-uitkering wordt ongegrond verklaard omdat eiseres niet duurzaam arbeidsongeschikt is.