Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 augustus 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
.Op 24 mei 2018 heeft eiser een WIA-uitkering aangevraagd.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser heeft een WIA-uitkering aangevraagd en werd aanvankelijk voor 45,49% arbeidsongeschikt verklaard. Na bezwaar stelde verweerder het arbeidsongeschiktheidspercentage bij naar 48,49%. Eiser voerde aan dat ten onrechte geen urenbeperking werd vastgesteld vanwege een verminderd energieniveau, onderbouwd met rapportages van zijn bedrijfsarts en huisarts.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft de medische stukken zorgvuldig bestudeerd en concludeerde dat de beperkingen voor gangbare arbeid adequaat waren vastgesteld, inclusief een lichte beperking voor tillen en dragen. De rechtbank oordeelde dat de rapportage zorgvuldig tot stand was gekomen en dat eiser onvoldoende nieuwe medische informatie had aangeleverd om een urenbeperking te rechtvaardigen.
Verder werd vastgesteld dat de fysieke omstandigheden van het aangepaste werk van eiser niet relevant zijn voor de beoordeling van belastbaarheid voor gangbare arbeid. De rechtbank volgde de motivering van de verzekeringsarts en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het arbeidsongeschiktheidspercentage en het ontbreken van een urenbeperking wordt ongegrond verklaard.