ECLI:NL:RBMNE:2019:4457
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
WOZ-waarde woning vastgesteld op eigen aankoopprijs na beroep gegrond verklaard
De rechtbank Midden-Nederland behandelde het beroep van eiser tegen de WOZ-waarde van zijn woning aan een adres in een woonplaats, vastgesteld door verweerder voor het belastingjaar 2019. Verweerder had de waarde aanvankelijk vastgesteld op €358.000 en na bezwaar verlaagd naar €340.000. Eiser stelde dat de waarde lager moest zijn, namelijk €315.000, gelijk aan het eigen aankoopcijfer van de woning op 6 januari 2017.
Verweerder voerde aan dat vanwege de marktontwikkeling het aankoopcijfer geïndexeerd moest worden en gebruikte de vergelijkingsmethode met drie referentiewoningen om de waarde vast te stellen. De rechtbank oordeelde dat de hoofdregel bij WOZ-waardering het eigen aankoopcijfer is, tenzij bijzondere omstandigheden aanwezig zijn. Verweerder had echter onterecht het eigen aankoopcijfer losgelaten en uitsluitend de vergelijkingsmethode toegepast zonder voldoende onderbouwing.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar vernietigd en de WOZ-waarde vastgesteld op het eigen aankoopcijfer van €315.000 per waardepeildatum 1 januari 2018. Tevens werd de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig verminderd en het betaalde griffierecht aan eiser vergoed.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning is vastgesteld op het eigen aankoopcijfer van €315.000, met vermindering van de aanslag onroerendezaakbelasting.