In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om een bezwaarschrift dat door eiser werd ingediend tegen een omgevingsvergunning verleend door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gooise Meren. De vergunning betrof het slopen van een bungalow, het bouwen van een nieuwe woning met zwembad en bijgebouw, het realiseren van een uitrit en het kappen van veertien bomen.
De omgevingsvergunning werd op 1 juli 2016 verleend en toegezonden aan de vergunninghouder. Eiser diende zijn bezwaarschrift pas op 27 augustus 2018 in, ruim twee jaar later dan de wettelijk toegestane termijn van zes weken na bekendmaking. Verweerder verklaarde het bezwaarschrift niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
Eiser voerde aan dat de vergunning niet gepubliceerd was, waardoor hij niet tijdig op de hoogte was. De rechtbank stelde vast dat de aanvraag en de termijnverlenging wel waren gepubliceerd en dat eiser wist dat er een aanvraag in behandeling was. Het feit dat verweerder niet de vergunning zelf publiceerde, vormde geen geldige reden voor de late indiening. Eiser had eerder kunnen informeren, zeker omdat hij wist dat er al werkzaamheden plaatsvonden.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaarschrift terecht niet-ontvankelijk werd verklaard en dat het beroep ongegrond is. Een inhoudelijke beoordeling van het bezwaar kon daardoor achterwege blijven. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding toegewezen.