ECLI:NL:RBMNE:2019:4980
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond over vaststelling maatmanomvang bij WIA-uitkering
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV waarin haar WIA-uitkering per 1 oktober 2018 werd vastgesteld op basis van een arbeidsongeschiktheid van 57,32%, berekend met een maatmanomvang van 35,23 uur per week. Zij betwistte deze urenomvang omdat zij stelde dat zij in de referteperiode meer uren had gewerkt dan door het UWV aangenomen.
De arbeidsdeskundige van het UWV stelde dat eiseres gemiddeld 29,34 uur per week werkte in de referteperiode en dat de maatmanomvang daarom niet hoger kon zijn dan de 35,23 uur waarop haar WW-recht was gebaseerd. Eiseres leverde een urenoverzicht, maar dit was onvoldoende onderbouwd en het loon kon niet als maatstaf dienen voor de urenomvang.
De rechtbank volgt het standpunt van het UWV en oordeelt dat de maatmanomvang terecht is vastgesteld op 35,23 uur per week. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de vaststelling van haar maatmanomvang en WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.