Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van de man
- de pleitnota van de vrouw
- de eis in reconventie.
Rechtbank Midden-Nederland
De man en vrouw zijn gescheiden ouders van een minderjarige die in Nederland woont. Na hun scheiding is een ouderschapsplan overeengekomen, waarin de zorgregeling en omgangsregeling zijn vastgelegd. De vrouw beëindigde een tijdelijke zorgregeling, waardoor de man zijn kind sinds september 2019 niet meer heeft gezien.
De man vordert nakoming van de zorgregeling conform het ouderschapsplan, terwijl de vrouw verzoekt om een aangepaste regeling met zeer beperkte omgang en eenhoofdig gezag. De voorzieningenrechter oordeelt dat het tijdelijke ouderschapsplan geldig is tot februari 2020 en dat daarna het oorspronkelijke plan geldt, tenzij anders beslist.
De rechtbank benadrukt het belang van contact met beide ouders, ook gezien de medische situatie van het kind, en wijst de vorderingen van de man toe voor nakoming van de zorgregeling met dwangsommen bij niet-nakoming. De vrouw wordt veroordeeld tot naleving van de zorgregeling en het betalen van dwangsommen bij overtreding, met compensatie van eigen proceskosten.
Uitkomst: De moeder wordt veroordeeld tot nakoming van de zorgregeling conform het tijdelijke en oorspronkelijke ouderschapsplan met dwangsommen bij niet-nakoming.