ECLI:NL:RBMNE:2019:5038
Rechtbank Midden-Nederland
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot opheffing executoriaal beslag door VvE en ING
Eiser is eigenaar van twee appartementen waarop een hypotheekrecht rust ten behoeve van ING en een executoriaal beslag is gelegd door de Vereniging van Eigenaars (VvE) op grond van een vonnis tot betaling van achterstallige bedragen. Eiser heeft de appartementen onderhands verkocht aan een derde partij, maar kon niet leveren vanwege een beslag van een andere schuldeiser en de executie door ING.
Eiser vordert in kort geding opheffing van het beslag om levering aan de koper mogelijk te maken, stellende dat er misbruik van executiebevoegdheid is. De rechtbank oordeelt dat de VvE en ING geen misbruik maken, mede omdat de omstandigheden zijn veranderd door het beslag van een andere schuldeiser en ING het appartement voor een hoger bedrag aan een derde heeft verkocht.
Daarnaast vordert de VvE betaling van achterstallige servicekosten en energieafrekeningen. Eiser voert geen inhoudelijk verweer tegen deze vordering. De rechtbank wijst de vordering van eiser af, veroordeelt hem tot betaling van de achterstallige bedragen met rente en in de proceskosten van zowel de VvE als ING, en verklaart de kostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van het executoriaal beslag wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige servicekosten met rente en proceskosten.