Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres
Rechtbank Midden-Nederland
Verdachte heeft in januari 2019 de minister-president schriftelijk bedreigd met de dood door een brief te sturen met de tekst dat hij 'de kogel krijgt' als hij niet aftreedt. Deze bedreiging is bewezen verklaard door de rechtbank op basis van de bekennende verklaring van verdachte en de aangifte.
De rechtbank erkent dat iedereen onvrede mag uiten over het beleid, maar oordeelt dat verdachte daarin is doorgeslagen door een ernstige inbreuk te maken op de persoonlijke levenssfeer van de minister-president, die zich daadwerkelijk bedreigd voelde. De rechtbank weegt hierbij ook het belang van de vrijheid en veiligheid van politici in een democratische rechtsstaat mee.
Verdachte heeft geen strafblad, maar kampt met ernstige gezondheidsproblemen. De rechtbank houdt hier rekening mee door een lagere onvoorwaardelijke taakstraf op te leggen dan geëist. Gezien de ernst van het feit en het belang van algemene preventie legt de rechtbank ook een voorwaardelijke gevangenisstraf op van één week met een proeftijd van twee jaar.
De straf bestaat uit een onvoorwaardelijke taakstraf van 20 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van één week. De taakstraf wordt bij niet-nakoming vervangen door 10 dagen hechtenis. De rechtbank verklaart het primair ten laste gelegde feit bewezen en strafbaar, en veroordeelt verdachte overeenkomstig.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke taakstraf van 20 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van één week wegens schriftelijke doodsbedreiging aan de minister-president.