Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting van 20 november 2019;
- het proces-verbaal van bevindingen, pagina 1086;
- het proces-verbaal van bevindingen, pagina 1335 en 1336.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
aan zijn schuld de dood van een ander te wijten zijn, terwijl de schuld bestaat in roekeloosheid.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BESLAG
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 14a, 14b, 14c, 36b, 36c, 57, 63 en 307 van het Wetboek van Strafrecht en
- 26 en 55 van de Wet wapens en munitie;
11.BESLISSING
gevangenisstraf van 270 dagen;
256 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde niet heeft nageleefd;
- 1.00 STK pistool kl: zwart, Smith & Wesson;
- 15.00 STK Munitie 9 mm;
- 1.00 STK houder magazijnhouder;
- 1.00 DS doos wapendoos;