ECLI:NL:RBMNE:2019:6305
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige handelwijze winkelier door weigering begeleiding blinde transgender vrouw
Eiseres, een blinde transgender vrouw, bezocht jarenlang een winkel van gedaagde waar zij werd begeleid door medewerkers. Vanaf 2017 weigerden de medewerkers haar nog aan de arm te begeleiden, wat leidde tot een geschil over verboden onderscheid op grond van handicap en intimidatie.
Het College voor de Rechten van de Mens oordeelde dat gedaagde verboden onderscheid had gemaakt. In de procedure stelde eiseres dat gedaagde onrechtmatig handelde door niet te voldoen aan haar onderzoeksplicht en onvoldoende overleg te voeren over passende aanpassingen. Gedaagde stelde dat de weigering voortkwam uit hygiëneproblemen en personeelsbezwaren.
De rechtbank oordeelde dat gedaagde tekortgeschoten is in haar onderzoeksplicht en daardoor onrechtmatig heeft gehandeld. Er was echter geen bewijs van intimidatie. De gevorderde immateriële schadevergoeding werd afgewezen omdat de normschending niet ernstig genoeg was en eiseres al voldoende genoegdoening had ontvangen. De vordering tot wekelijkse begeleiding werd afgewezen wegens gebrek aan vertrouwen van eiseres.
Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd gewezen door kantonrechter M.J. Slootweg op 24 december 2019.
Uitkomst: Gedaagde handelt onrechtmatig door weigering begeleiding, maar vorderingen tot intimidatieverbod en schadevergoeding worden afgewezen.