ECLI:NL:RBMNE:2019:6322
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WOZ-beschikking wegens onvoldoende onderbouwing waardevermogen twee-onder-een-kapwoning
In deze bestuursrechtelijke zaak betwist eiser de vastgestelde WOZ-waarde van zijn twee-onder-een-kapwoning voor het belastingjaar 2019. Verweerder had de waarde vastgesteld op €690.000 en handhaafde deze na bezwaar. Eiser stelde dat de waarde te hoog was, mede omdat de waarde van een vrijwel identieke buurwoning was verlaagd naar €625.000.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende aannemelijk had gemaakt waarom er een verschil van €65.000 tussen de twee nagenoeg identieke woningen bestond, terwijl dezelfde vergelijkingsobjecten en taxatieverslagen waren gebruikt. Het verschil kon niet worden verklaard door een verschil van inzicht tussen taxateurs of een fout bij de buurwoning.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar en stelde de WOZ-waarde van eiser's woning vast op €625.000. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht. De uitspraak werd gedaan door rechter N.M. Spelt op 28 november 2019.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €625.000 en de aanslag dienovereenkomstig verminderd.