ECLI:NL:RBMNE:2019:6371
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Eiser heeft zich op 7 december 2016 arbeidsongeschikt gemeld en per 4 december 2017 een WIA-uitkering aangevraagd. Verweerder wees deze aanvraag af omdat eiser volgens medisch en arbeidskundig onderzoek slechts voor 16,53% arbeidsongeschikt was. Eiser betwistte dit en stelde dat hij volledig arbeidsongeschikt was.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek van verzekeringsarts Frenay zorgvuldig en goed gemotiveerd was, waarbij rekening werd gehouden met diverse medische rapporten en onderzoeken. De beperkingen zoals vastgesteld in de functionele mogelijkhedenlijst (FML) van 8 mei 2018 werden als passend beoordeeld. De rechtbank verwierp het betoog van eiser dat er meer beperkingen moesten worden aangenomen.
Ook het arbeidskundig onderzoek van Reijnen, waarin functies werden geduid die passen bij de belastbaarheid van eiser, werd door de rechtbank gevolgd. De rechtbank vond geen reden om te twijfelen aan de geschiktheid van de functies, ondanks de door eiser aangevoerde beperkingen.
De rechtbank concludeerde dat zowel de medische als de arbeidskundige beoordeling zorgvuldig en juist waren en dat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt was per 4 december 2017. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de WIA-uitkering is ongegrond verklaard omdat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt is.