Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 september 2019 in de zaak tussen
[eiseres], eiseres, te [woonplaats] , tezamen: eisers
Rechtbank Midden-Nederland
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van 2 juli 2018 van de gemeente Woerden, waarin de aanvraag tot legalisatie van drie bouwwerken op een perceel werd afgewezen. De rechtbank heeft in een tussenuitspraak vastgesteld dat het aanwijzingsbesluit van 21 mei 2013 in strijd is met artikel 6.5 van het Besluit omgevingsrecht (Bor). Dit besluit was te ruim en omzeilde de hoofdregel dat een verklaring van geen bedenkingen vereist is bij weigering van een omgevingsvergunning.
Omdat de verklaring van geen bedenkingen niet was verleend, was de gemeente niet bevoegd het besluit te nemen. De rechtbank gaf de gemeente de mogelijkheid het gebrek te herstellen, maar deze maakte hiervan geen gebruik. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep gegrond en vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met artikel 2.27 van de Wabo in samenhang met artikel 6.5 van het Bor en artikel 7:12 van Pro de Awb.
De rechtbank draagt de gemeente op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak en de tussenuitspraak. Tevens moet de gemeente het betaalde griffierecht aan eisers vergoeden en is zij veroordeeld in de proceskosten van eisers.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de legalisatie wordt vernietigd, met opdracht tot een nieuw besluit binnen zes weken.