Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
[slachtoffer 2] uit die woning heeft weggenomen.
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
- naar de achtertuin van voornoemde woning is gegaan en
- met een zaklamp door één ruit van voornoemde woning hebben geschenen en door één ruit van voornoemde woning hebben gekeken en
- een buitenlamp van de muur aan de achterzijde van voornoemde woning hebben los getrokken en
- met een breekvoorwerp hebben gewrikt in een sluitnaad van één ruit en kozijn aan de achterzijde van voornoemde woning, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak;
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJ
concretegegevens moeten aanvoeren waaruit kan volgen dat in verband met de omstandigheden van het geval een psychische beschadiging is ontstaan. Daarvoor is nodig dat naar objectieve maatstaven het bestaan van geestelijk letsel is of had kunnen zijn vastgesteld. De rechtbank is van oordeel dat de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet aannemelijk heeft gemaakt dat de poging tot inbraak heeft geleid tot geestelijk letsel, nu zij geen stukken van deskundigen ter onderbouwing daarvan heeft overgelegd.
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
jeugddetentie van 4 maanden;
taakstraf, bestaande uit een werkstraf, van 120 uren;
mrs. V.C. Kool en N.P.J. Janssens, rechters, in tegenwoordigheid van
mr. R.A.L. van Dreumel, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 26 november 2019.
- naar de achterzijde en/of in de achtertuin van voornoemde woning is/zijn gegaan (door over een schutting heen te klimmen) en/of
- met een zaklamp door één of meer ruit(en) van voornoemde woning heeft/hebben geschenen en/of door één of meer ruit(en) van voornoemde woning heeft/hebben gekeken en/of
- een buitenlamp van de muur aan de achterzijde van voornoemde woning heeft/hebben los getrokken/gemaakt en/of
- met een breekvoorwerp heeft/hebben gewrikt in een sluitnaad van één of meer ruit(en) en/of kozijn(en) aan de achterzijde van voornoemde woning, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;