Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De procesgang
3.De behandeling
face to face- en belafspraken gemist en was de laatste 14 dagen niet meer bereikbaar geweest voor De Waag.
Rechtbank Midden-Nederland
Veroordeelde was voorwaardelijk in vrijheid gesteld op 16 juni 2019 na een gevangenisstraf van vier jaar opgelegd door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De reclassering rapporteerde meerdere overtredingen van het locatieverbod en het niet naleven van behandelafspraken, waaronder het niet opladen van de enkelband en het niet bereikbaar zijn.
De officier van justitie vorderde herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling voor 120 dagen, terwijl de verdediging aanvoerde dat de overtredingen niet ernstig genoeg waren voor herroeping en dat detentie het opbouwen van een stabiel leven zou belemmeren. De rechtbank stelde vast dat veroordeelde de voorwaarden herhaaldelijk heeft geschonden, ondanks waarschuwingen en een laatste kans.
De rechtbank oordeelde dat een krachtig signaal nodig was en besloot de voorwaardelijke invrijheidstelling te herroepen voor een periode van 90 dagen, met aftrek van reeds doorgebrachte detentietijd. Veroordeelde kan een verzoek indienen om de voorwaarden aan te passen zodat familiebezoek mogelijk wordt zonder overtredingen.
Uitkomst: De voorwaardelijke invrijheidstelling van veroordeelde is herroepen voor een periode van 90 dagen wegens herhaalde overtredingen van voorwaarden.