Partijen zijn sinds 2007 getrouwd en hebben drie minderjarige kinderen samen. De vrouw heeft een verzoek ingediend voor voorlopige voorzieningen in het kader van een voorgenomen echtscheidingsprocedure. De man stemt in met de toewijzing van de kinderen aan de vrouw, maar verzoekt om een zorgregeling vast te stellen.
De rechtbank besluit de kinderen toe te vertrouwen aan de vrouw, omdat partijen hierover overeenstemming hebben bereikt en er geen bezwaren zijn. De zorgregeling wordt voorlopig vastgesteld als omgang op 23 november 2019 van 8.30 tot 20.00 uur, met de verwachting dat partijen via mediation verdere afspraken maken.
De rechtbank legt vast dat de man vanaf 1 november 2019 een bijdrage van $500 per kind per maand betaalt voor de verzorging en opvoeding van de kinderen, en $1.000 per maand voor het levensonderhoud van de vrouw. Het verzoek tot andere of aanvullende voorzieningen wordt afgewezen. De beschikking is uitgesproken op 27 november 2019.