De rechtbank Midden-Nederland heeft op 27 maart 2020 uitspraak gedaan over een verzoek tot voorlopige voorziening van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Dit verzoek betreft het uitstel van een eerder opgelegde termijn om een besluit te nemen op een Wob-verzoek van de NOS, vanwege de impact van coronamaatregelen op de werkzaamheden van ambtenaren.
De rechtbank had op 11 maart 2020 bepaald dat de Staatssecretaris binnen twee weken een besluit moest nemen en bij overschrijding een dwangsom zou verbeuren. De Staatssecretaris kon echter niet aan deze termijn voldoen omdat ambtenaren door de maatregelen geen toegang hadden tot fysieke documenten en digitale ondertekeningsmogelijkheden ontbraken.
De voorzieningenrechter erkent het spoedeisend belang en de unieke omstandigheden door de coronamaatregelen, maar weegt het belang van volksgezondheid zwaarder dan het belang van de NOS om direct een besluit te ontvangen. Daarom wordt de termijn verlengd tot uiterlijk 20 april 2020, met de verplichting dat de Staatssecretaris zijn werkprocessen aanpast om ook onder coronamaatregelen tot besluitvorming te kunnen komen.
Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.