Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Procesverloop
2.Beoordeling
3.Beslissing
[betrokkene], geboren op [1938] te [geboorteplaats] ,
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 9 maart 2020 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot verlening van een rechterlijke machtiging voor opname en verblijf van betrokkene, die lijdt aan dementie van het Alzheimer type. Betrokkene verblijft in een verpleeghuis en verzet zich tegen opname en verblijf. De rechtbank nam kennis van medische verklaringen, het zorgplan en eerdere besluiten.
De specialist ouderengeneeskunde verklaarde dat betrokkene 24-uurs zorg en begeleiding nodig heeft en zich regelmatig verzet tegen opname. Er is sprake van ernstig nadeel door risico op verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en agressie veroorzaakt door frustratie. Minder ingrijpende alternatieven zijn niet haalbaar omdat de partner van betrokkene overbelast is.
De rechtbank concludeerde dat aan de wettelijke criteria van de Wet zorg en dwang is voldaan en verleent de machtiging voor de duur van twaalf maanden, ingaande 9 maart 2020 tot en met 9 maart 2021. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor de duur van twaalf maanden.