Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 maart 2020 in de zaak tussen
V.O.F. [eiseres] , te [vestigingsplaats] , eiseres
Procesverloop
2017 - € 929.000,-
2018 - € 923.000,-
2019 - € 1.010.000,-
Overwegingen
De rechtbank stelt vast dat de 57 bungalows zijn geplaatst om duurzaam op het terrein te blijven staan. Zij zijn aangesloten op de nutsvoorzieningen en de watervoorziening wordt door eiseres verzorgd. Voor deze bungalows is geen (huurafhankelijk) recht van opstal is gevestigd. Dit heeft tot gevolg dat de bungalows door natrekking eigendom van eiseres zijn. Dit is tussen partijen ook niet in geschil.
Gelet op het uitgangspunt uit artikel 17, tweede lid van de Wet WOZ en de objectafbakening, stelt de rechtbank vast dat het hele recreatieterrein gewaardeerd moet worden. Dit is dus inclusief de 57 bungalows die niet door eiseres geplaatst zijn en geëxploiteerd worden, maar waarvan zij wel de eigendom door natrekking heeft verkregen.
Beslissing
mr. M. van Dalen, griffier. Deze uitspraak is gedaan op 26 maart 2020.
te ondertekenen