ECLI:NL:RBMNE:2020:1486
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond op ov-schuld wegens niet stopzetten studentenreisproduct door psychische problemen
Eiseres volgde een kappersopleiding en had recht op een studentenreisproduct. Van 1 mei 2018 tot 1 januari 2019 stond zij niet meer ingeschreven en had zij geen recht meer op het reisproduct. Omdat zij het product niet tijdig stopzette, legde DUO een ov-schuld van €1.552,- op.
Eiseres voerde aan dat zij door psychische klachten na een verkeersongeval en het overlijden van haar zusje niet in staat was het reisproduct stop te zetten. Zij ontving geen waarschuwing van DUO. De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 3.27 Wsf 2000 een ov-schuld niet wordt opgelegd als aantoonbaar is dat de studerende door psychische problematiek niet tijdig kon stoppen.
Eiseres overlegde verklaringen van haar psychotherapeut en huisarts, waaruit bleek dat zij vanaf september 2018 in behandeling was en dat zij door een trauma moeite had met administratieve taken. De rechtbank oordeelde echter dat deze verklaringen onvoldoende waren om aan te tonen dat zij gedurende de gehele periode niet in staat was het reisproduct stop te zetten.
Het niet tijdig stopzetten kon daarom aan eiseres worden toegerekend. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de opgelegde ov-schuld wordt ongegrond verklaard omdat niet is aangetoond dat zij door psychische problemen niet in staat was het studentenreisproduct tijdig stop te zetten.