Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Procesverloop
2.Beoordeling
3.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1954 te [geboorteplaats] , voor de volgende vormen van verplichte zorg:
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 10 maart 2020 uitspraak gedaan over het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz).
Betrokkene lijdt aan een bipolaire-stemmingsstoornis die leidt tot ernstig nadeel, waaronder psychische en maatschappelijke problemen en risico's voor de veiligheid. Ondanks gedeeltige medewerking en vrijwillige opname is er onvoldoende zicht op betrokkene en is het niet mogelijk om de noodzakelijke zorg vrijwillig voort te zetten.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de gevraagde verplichte zorg, waaronder medicatie, beperking van bewegingsvrijheid, insluiting, toezicht en opname, evenredig en noodzakelijk is om het ernstig nadeel af te wenden en de gezondheid te stabiliseren. De zorgmachtiging wordt verleend voor vier maanden, met uitzondering van het toedienen van vocht en voeding. Het verzoek tot meer of andere zorgvormen wordt afgewezen.
De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk uitgewerkt, en tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Zorgmachtiging verleend voor verplichte zorg tot en met 10 juli 2020, met uitzondering van toediening van vocht en voeding.