Verzoekster heeft proceskostenvergoeding gevorderd nadat het Schadefonds Geweldsmisdrijven een bestuursbesluit van 1 maart 2019 introk, waarop verzoekster haar beroep introk. De rechtbank overweegt dat verweerder het besluit heeft ingetrokken en daarmee voldaan heeft aan het verzoek van verzoekster. Verweerder stemt in met vergoeding van kosten voor het beroepschrift en griffierecht, maar verwijst de kosten gemaakt in bezwaar naar het oordeel van de rechtbank.
De rechtbank stelt de proceskosten vast op € 1575,-, gebaseerd op drie punten (indienen bezwaarschrift, aanwezigheid hoorzitting, indienen beroepschrift) met een waarde van € 525,- per punt en een wegingsfactor van 1. Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot betaling van het griffierecht van € 174,-. Er zijn geen omstandigheden die vergoeding van proceskosten in bezwaar uitsluiten.
De uitspraak is gedaan door rechter B. Fijnheer op 8 mei 2020 in Utrecht. Vanwege coronamaatregelen is de uitspraak niet openbaar uitgesproken, maar zal dit worden ingehaald zodra mogelijk. Verzoekster kan binnen zes weken na verzending van de uitspraak een verzetschrift indienen bij onenigheid.