Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Belastingdienst van 20 januari 2020. Vervolgens heeft de Belastingdienst op 27 maart 2020 medegedeeld dat het besluit wordt herzien met een aanvulling, waarna verzoeker het beroep heeft ingetrokken en vergoeding van proceskosten heeft gevraagd.
De rechtbank overweegt dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit proceskosten bestuursrecht de proceskosten door de tegenpartij kunnen worden betaald. Omdat de procedure alleen betrekking had op de proceskosten, wordt een wegingsfactor van 0,5 toegepast.
De rechtbank stelt de proceskosten vast op €262,50, gebaseerd op 1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde van €525 per punt, vermenigvuldigd met de wegingsfactor 0,5. Daarnaast moet de Belastingdienst het griffierecht aan verzoeker betalen.
De uitspraak is gedaan door rechter V.E. van der Does op 19 juni 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.