ECLI:NL:RBMNE:2020:2577
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing Wajong-uitkering wegens onvoldoende onderbouwing duurzaam ontbreken arbeidsvermogen
Eiser, met diagnoses autisme spectrum stoornis, persisterende depressieve stoornis en dyslexie/alexie, vroeg een Wajong-uitkering aan. Verweerder wees dit af omdat eiser volgens hem in de toekomst arbeidsvermogen zou kunnen ontwikkelen. Eiser maakte bezwaar, dat werd ongegrond verklaard, waarna hij beroep instelde.
De rechtbank moest beoordelen of het ontbreken van arbeidsvermogen duurzaam is, waarbij de vraag centraal stond of eiser in de toekomst basale werknemersvaardigheden kan ontwikkelen. Verweerder baseerde zich op rapporten van een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige die stelden dat ontwikkeling mogelijk is. Eiser betoogde dat deze beoordeling onvoldoende specifiek op zijn situatie was toegespitst en onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsarts onvoldoende concreet had gemotiveerd hoe de basale werknemersvaardigheden zich zouden kunnen ontwikkelen, mede gezien de langdurige behandeling en begeleiding die eiser al had ontvangen. Er was onvoldoende duidelijkheid over het mogelijke resultaat van toekomstige behandelingen en het risico van overvraging werd niet meegenomen.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel. Verweerder moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende concrete motivering over het duurzaam ontbreken van arbeidsvermogen.