ECLI:NL:RBMNE:2020:2714
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom in Utrecht
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een last onder dwangsom die hem door de burgemeester van Utrecht is opgelegd om geen inbrekerswerktuigen te vervoeren of bij zich te hebben binnen de gemeente Utrecht. Hij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen als er onverwijlde spoed is. Verzoeker stelde dat de dwangsom onomkeerbare gevolgen kan hebben en dat het besluit een bevoegdheidsgebrek vertoont. De rechter vond echter dat het enkele feit dat een dwangsom boven het hoofd hangt onvoldoende is voor spoedeisend belang. Tevens was niet gesteld of gebleken dat verzoeker belang had bij het vervoeren van inbrekerswerktuigen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het niet duidelijk was dat het bestreden besluit onrechtmatig is zonder diepgaand onderzoek. Verzoeker moet het bezwaar afwachten. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.