Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een machtiging tot opname en verblijf voor betrokkene, die lijdt aan fronto-temporale dementie. De mondelinge behandeling vond telefonisch plaats vanwege coronamaatregelen, waarbij betrokkene, haar advocaat en zorgverleners werden gehoord.
De specialist ouderengeneeskunde stelde dat betrokkene ernstige gedragsproblemen vertoont, afhankelijk is van 24-uurszorg en een gevaar vormt voor zichzelf en anderen bij zelfstandig naar buiten gaan. De rechtbank constateerde dat betrokkene ernstig nadeel lijdt door haar psychogeriatrische aandoening, waaronder lichamelijk letsel en maatschappelijke verwaarlozing.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om dit ernstig nadeel te voorkomen, en er zijn geen minder ingrijpende middelen beschikbaar. Betrokkene verzet zich tegen opname, maar gelet op het progressieve ziektebeeld en eerdere machtigingen onder de Wet bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen, verleent de rechtbank de machtiging voor de maximale duur van vijf jaar, tot en met 10 juli 2025.