ECLI:NL:RBMNE:2020:3052
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Huurtoeslag definitief berekend op basis van jaarinkomen uit BRI, beroep ongegrond
Eiseres ontving in 2018 een voorschot op huurtoeslag gebaseerd op een geschat inkomen van €18.119,-. De Belastingdienst berekende de definitieve toeslag op basis van het definitieve jaarinkomen van €20.179,-, wat leidde tot een lagere toeslag en een terugvordering van €808,- inclusief rente.
Eiseres voerde aan dat zij erop mocht vertrouwen dat de toeslag zou worden berekend op het geschatte inkomen, mede omdat de schatting rekening hield met een aftrekpost zorgkosten die zij in 2018 niet kon claimen. Zij gaf ook aan het toeslagensysteem niet goed te begrijpen vanwege haar leeftijd.
De rechtbank oordeelde dat de Belastingdienst terecht uitgaat van het definitieve jaarinkomen zoals vermeld in de Basisregistratie Inkomen. Het verlenen van een voorschot schept geen gerechtvaardigd vertrouwen op een definitieve toeslag op dat bedrag. Het is de verantwoordelijkheid van de toeslagontvanger om de juistheid van inkomensgegevens te controleren en wijzigingen door te geven.
De rechtbank zag geen bijzondere omstandigheden om af te zien van terugvordering of matiging van het bedrag. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de definitieve huurtoeslagberekening is ongegrond verklaard en het teveel ontvangen voorschot moet worden terugbetaald.