Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 juli 2020 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
[derde-partij], te [vestigingsplaats] , gemachtigde: mr. M.A.T. Salden-Klein Egelink.
Procesverloop
- Aan welke verplichting(en) heeft eiseres zich volgens het Uwv niet gehouden?
- Op welke grondslag van artikel 45 van Pro de ZW is de maatregel opgelegd?
- Wat is de relevantie van de passage in het bestreden besluit in de tweede alinea op pagina 3 van de beslissing op bezwaar?