ECLI:NL:RBMNE:2020:3202
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering verwijdering boom wegens onvoldoende onrechtmatige hinder
Eiser vordert dat gedaagde wordt veroordeeld tot verwijdering van een Thuja-boom nabij de erfgrens wegens onrechtmatige hinder door schaduw, bladval en mogelijke schade aan de schuur. Eiser baseert dit op een bezonningsrapport dat hinderlijke schaduwtoename in de namiddag aantoont.
Gedaagde voert verweer dat de boom al decennia staat, regelmatig wordt gesnoeid en dat de hinder beperkt is, onderbouwd met een contra-expertise. Tevens stelt gedaagde dat de vordering verjaard is.
De kantonrechter overweegt dat het gebruik van eigendom vrij is, mits geen onrechtmatige hinder wordt veroorzaakt. Gelet op de locatie, de aard van de woonwijk en het feit dat eiser al jaren woont zonder eerdere klachten, moet eiser een zekere hinder dulden. De bezonningsrapporten tonen wel schaduw, maar niet in die mate dat dit onrechtmatig is. Andere klachten over afval en mogelijke toekomstige schade zijn onvoldoende onderbouwd.
De vordering van eiser wordt afgewezen en ook de kostenveroordeling wordt aan eiser opgelegd. De kosten van gedaagde voor de contra-expertise worden niet toegewezen omdat deze niet noodzakelijk waren.
Uitkomst: De vordering tot verwijdering van de boom wegens onrechtmatige hinder wordt afgewezen.