ECLI:NL:RBMNE:2020:3538
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Weigering machtiging opname en verblijf wegens ontbreken onafhankelijke medische verklaring
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een machtiging tot opname en verblijf van betrokkene op grond van de Wet zorg en dwang (Wzd). De mondelinge behandeling vond plaats via Skype vanwege coronamaatregelen, waarbij betrokkene, haar dochter, de advocaat en een CIZ-functionaris werden gehoord.
Betrokkene en haar dochter gaven aan dat de thuissituatie met hulp van thuiszorg en familie goed functioneert en dat opname niet nodig is. De advocaat pleitte voor afwijzing van het verzoek vanwege het ontbreken van een medische verklaring. Het CIZ erkende dat de medische verklaring niet was overlegd en dat daardoor het verzoek niet ontvankelijk kon worden verklaard.
De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 26 lid 5 sub d Wzd Pro een onafhankelijke medische verklaring vereist is bij een verzoek tot machtiging. Omdat deze ontbrak, kon het verzoek niet worden toegewezen en werd het CIZ niet-ontvankelijk verklaard. Een verzoek tot heropening van de zaak werd afgewezen omdat de wet dit niet voorziet en het ontbreken van de medische verklaring een onoverkomelijk bezwaar vormt.
De rechtbank adviseerde het CIZ een nieuw verzoek in te dienen met een juiste medische verklaring, waarbij medewerking van betrokkene niet vereist is. De beschikking werd op 6 augustus 2020 mondeling gegeven en op 14 augustus schriftelijk ondertekend.
Uitkomst: Verzoek tot machtiging tot opname en verblijf wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een onafhankelijke medische verklaring.