ECLI:NL:RBMNE:2020:3814
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling last onder bestuursdwang sluiting woning wegens handelshoeveelheid harddrugs
Eiser werd geconfronteerd met een last onder bestuursdwang waarbij zijn woning voor twaalf maanden werd gesloten op grond van artikel 13b van de Opiumwet wegens de aanwezigheid van een handelshoeveelheid harddrugs. Na een eerdere vernietiging van het besluit door de rechtbank wegens onvoldoende bewijs, nam de burgemeester een nieuw besluit op bezwaar waarbij aanvullend proces-verbaal van bevindingen van december 2019 werd betrokken.
Eiser voerde aan dat hij niet in de gelegenheid was gesteld zich uit te laten over deze nieuwe informatie, waardoor het besluit in strijd zou zijn met het zorgvuldigheidsbeginsel en de hoorplicht (artikel 7:9 Awb Pro). De rechtbank oordeelde dat deze informatie niet tot een ander standpunt leidde dan het eerdere besluit en dat eiser bekend was met het onderliggende standpunt.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit zorgvuldig tot stand was gekomen en dat de hoorplicht niet was geschonden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de sluiting van de woning wegens handelshoeveelheid harddrugs wordt ongegrond verklaard.