ECLI:NL:RBMNE:2020:5013

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
24 augustus 2020
Publicatiedatum
17 november 2020
Zaaknummer
UTR 20/229
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75 AwbArt. 8:75a AwbArt. 8:41 AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep parkeerbelasting

Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting, dat bezwaar werd ongegrond verklaard. Hiertegen is beroep ingesteld, maar nadat verweerder de aanslag ambtshalve heeft vernietigd, heeft verzoeker het beroep ingetrokken en proceskostenvergoeding gevraagd.

De rechtbank overweegt dat bij intrekking van het beroep vanwege tegemoetkoming door verweerder proceskosten kunnen worden vergoed conform artikel 8:75 en Pro 8:75a Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). Echter, verzoeker heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij kosten heeft gemaakt die onder het Bpb vallen, zoals reis- of rechtsbijstandskosten.

Daarom wijst de rechtbank het verzoek af, maar bepaalt dat verweerder het griffierecht aan verzoeker moet betalen conform artikel 8:41 Awb Pro. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen op 24 augustus 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.

Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen, maar het griffierecht wordt aan verzoeker vergoed.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 20/229

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 augustus 2020 in de zaak tussen

[verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker,

en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht,verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het verzoek van verzoeker om vergoeding van zijn proceskosten.
Verweerder heeft niet gereageerd op dit verzoek.

Overwegingen

1. Verweerder heeft op 12 december 2019 een uitspraak op bezwaar gedaan. In deze uitspraak op bezwaar is het bezwaar van verzoeker tegen de opgelegde naheffingsaanslag parkeerbelasting ongegrond verklaard. Verzoeker is hiertegen in beroep gegaan. Op
26 maart 2020 heeft verweerder medegedeeld dat hij de naheffingsaanslag ambtshalve is vernietigd. Verweerder heeft dus gedaan wat verzoeker wilde. Verzoeker heeft daarna het beroep ingetrokken en een vergoeding gevraagd voor zijn proceskosten.
2. Als het beroep is ingetrokken omdat verweerder geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift (verzoeker) tegemoet is gekomen, kan de rechtbank bepalen dat verweerder de proceskosten van diegene moet betalen (artikel 8:75 en Pro 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb)).
3. In het Bpb staat welke proceskosten voor vergoeding in aanmerking komen, bijvoorbeeld reis- en verletkosten en kosten voor door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Het is de rechtbank niet gebleken dat verzoeker in beroep proceskosten heeft gemaakt die op grond van het Bpb voor vergoeding in aanmerking komen.
4. De rechtbank wijst het verzoek af.
5. Verweerder moet wel het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41 Awb Pro).

Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van
P.W. Hogenbirk, griffier, op 24 augustus 2020. Als gevolg van maatregelen rondom het Coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.