ECLI:NL:RBMNE:2020:5264
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid en inhoudelijke afwijzing van beroep tegen herziening voorschot zorgtoeslag 2019
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Belastingdienst om het voorschot zorgtoeslag 2019 te herzien naar nul euro. Dit bezwaar werd ongegrond verklaard, waarna eiseres beroep instelde bij de rechtbank Midden-Nederland.
De rechtbank beoordeelde eerst de ontvankelijkheid van het beroep. Hoewel het beroepschrift te laat werd ontvangen, kon niet worden vastgesteld dat het bestreden besluit tijdig was verzonden naar het juiste adres van eiseres. Hierdoor werd het beroep toch ontvankelijk verklaard.
Inhoudelijk stelde eiseres dat zij geen recht had op zorgtoeslag en dat er geen voorschot had mogen worden uitgekeerd. De rechtbank oordeelde dat op grond van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) een voorschot wordt verleend bij een ingediende aanvraag, en dat de aanvraag van eiseres uit 2014 ook geldt voor latere jaren, waaronder 2019.
Het feit dat eiseres de zorgtoeslag niet zelf ontving, kwam doordat er beslag was gelegd door een incassobureau, waar de Belastingdienst aan mee moest werken. De rechtbank wees erop dat bezwaar tegen de beslaglegging bij het incassobureau moet worden gemaakt.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter L.M. Reijnierse op 6 november 2020.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de herziening van het voorschot zorgtoeslag 2019 wordt ontvankelijk verklaard maar inhoudelijk ongegrond verklaard.