ECLI:NL:RBMNE:2020:5427
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening omgevingsvergunning voor verbouwing bedrijfsunits naar woningen ondanks strijd met bestemmingsplan
De vergunninghouder vroeg een omgevingsvergunning aan voor het verbouwen van drie bedrijfsunits naar drie woningen op een perceel met bestemming 'Bedrijf'. Het college verleende de vergunning, hoewel dit in strijd is met het bestemmingsplan. Eiser maakte bezwaar en startte beroep omdat hij meent dat de vergunning leidt tot overlast en een toename van druk op een erfdienstbaarheid waarvan hij eigenaar is.
De rechtbank oordeelt dat de vergunningverlening in redelijkheid heeft kunnen plaatsvinden. De belangenafweging is zorgvuldig gemaakt en gemotiveerd. De vermeende privaatrechtelijke belemmering door de erfdienstbaarheid is niet evident en behoort tot de civiele rechter. Ook de parkeerproblematiek, mede gebaseerd op een oude vergunning uit 1989, leidt niet tot intrekking van de vergunning.
Verder is vastgesteld dat de bedrijfsunits deels leegstaan en dat de transformatie naar woningen de verkeersdruk niet negatief beïnvloedt. De rechtbank volgt het college in haar uitleg dat de vergunninghouder voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein heeft en dat de belangen van eiser niet zwaarder wegen dan die van de vergunninghouder.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.