ECLI:NL:RBMNE:2020:5634

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
22 december 2020
Publicatiedatum
22 december 2020
Zaaknummer
UTR 20/4143
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake verkeersbesluiten autoluw maken binnenstad Amersfoort

Verzoekers hebben een verzoek ingediend voor een voorlopige voorziening tegen verkeersbesluiten van het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort die de binnenstad autoluw maken. Deze verkeersbesluiten zijn genomen bij besluit van 24 maart 2020 en deels gehandhaafd bij een besluit van 22 juli 2020.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld tijdens een zitting via Skype op 15 december 2020. Verzoekers waren vertegenwoordigd door hun gemachtigden, evenals verweerder. Het verzoek werd gezamenlijk behandeld met twee andere beroepen van verzoekers tegen verwante besluiten.

Op grond van artikel 8:81 Awb Pro kan een voorlopige voorziening worden getroffen indien onverwijlde spoed dat vereist. De rechtbank heeft echter bij de uitspraak op het hoofdberoep het beroep van verzoekers ongegrond verklaard. Hierdoor ontbreekt het spoedeisend belang voor een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep reeds is beslist en geen spoedeisend belang meer bestaat.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 20/4143

uitspraak van de voorzieningenrechter van 22 december 2020 in de zaak tussen

[verzoeker 1] , [verzoeker 2] , [verzoeker 3] en [verzoeker 4] B.V., te [plaats] , verzoekers

(gemachtigden: mr. J. Zweers en mr. D.S.P. Roelands-Fransen),
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amersfoort, verweerder
(gemachtigden: mr. J.A. van Kippersluis, F. de Ligt en W. Prot).

ProcesverloopBij besluit van 24 maart 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder drie verkeersbesluiten genomen ten behoeve van het autoluw maken van de binnenstad van Amersfoort. Dit besluit is gepubliceerd in de Staatscourant 2020, nr. 17956.

Bij besluit van 22 juli 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoekers gedeeltelijk gegrond verklaard, maar het primaire besluit in stand gelaten.
Verzoekers hebben tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Verzoekers hebben de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen zolang niet op het beroep is beslist.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft via een Skype-verbinding plaatsgevonden op 15 december 2020. Eiser [verzoeker 1] is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigden. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigden. Het verzoek is ter zitting gezamenlijk behandeld met het beroep van verzoekers (UTR 20/3158) en het beroep met nummer UTR 20/3229.

Overwegingen

Op grond van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan, indien tegen een besluit bij de rechtbank beroep is ingesteld dan wel, voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank, bezwaar is gemaakt of administratief beroep is ingesteld, de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.
Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank het hiervoor genoemde door verzoekers ingestelde beroep ongegrond verklaard. Gegeven deze beslissing in de hoofdzaak is er geen grond meer voor het treffen van de verzochte voorlopige voorziening, zodat het verzoek wordt afgewezen.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af..
Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Fijnheer, voorzieningenrechter, in aanwezigheid vanmr. M.L. Bressers, griffier. De beslissing is uitgesproken op 22 december 2020 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier
voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel