ECLI:NL:RBMNE:2020:5904

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
14 december 2020
Publicatiedatum
9 februari 2021
Zaaknummer
20/1373-V
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Verzet
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet ongegrond wegens te laat ingediend beroep zonder verschoonbare reden

Opposant had beroep ingesteld tegen een besluit van Zilveren Kruis Zorgkantoor, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het te laat was ingediend. Hiertegen stelde opposant verzet in, stellende dat er sprake was van een verschoonbare reden vanwege zijn medische situatie en omstandigheden rondom zijn helper.

De rechtbank beoordeelde in deze verzetprocedure of de eerdere uitspraak terecht in stand kon blijven. Opposant verwees naar een eerdere uitspraak waarin medische omstandigheden een verschoonbare reden vormden, maar de rechtbank oordeelde dat deze situatie niet vergelijkbaar was omdat de beslissing op bezwaar aan een derde was gestuurd en niet aan opposant zelf.

Ook de persoonlijke omstandigheden van de helper werden niet als verschoonbare reden erkend, mede omdat er voldoende tijd was om alsnog een pro-forma beroepschrift in te dienen. De rechtbank concludeerde dat het verzet ongegrond is en handhaafde de eerdere niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.

Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en de eerdere niet-ontvankelijkverklaring van het beroep blijft gehandhaafd.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 20/1373-V

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 december 2020 op het verzet

[opposant] , te [woonplaats] , opposant,

(gemachtigde: mr. S. Gadella).

Procesverloop

Opposant heeft beroep ingesteld tegen het besluit op bezwaar van 21 februari 2020 van Zilveren Kruis Zorgkantoor.
In de uitspraak van 15 september 2020 heeft de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroep te laat is ingediend.
Opposant heeft tegen deze uitspraak een verzetschrift ingediend.
Opposant heeft niet gevraagd om op een zitting te worden gehoord. De rechtbank heeft ook geen aanleiding gezien om opposant op een zitting te horen.

Overwegingen

1. De rechtbank heeft de uitspraak van 15 september 2020 gedaan zonder dat zij een zitting heeft gehouden. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) biedt die mogelijkheid als over de uitkomst van de procedure in redelijkheid geen twijfel mogelijk is.
2. In deze verzetprocedure is de beoordeling van de rechtbank beperkt tot de vraag of terecht uitspraak van de rechtbank van 15 september 2020 in stand kan blijven. Zo ja, dan is het verzet ongegrond en blijft de eerdere uitspraak in stand. Zo nee, dan is het verzet gegrond en vervalt de eerdere uitspraak.
3. Volgens opposant is de uitspraak van de rechtbank van 15 september 2020 niet juist omdat er sprake is van een verschoonbare reden voor het te laat indienen van het beroep. Opposant benadrukt zijn medische situatie en verwijst naar een uitspraak van Rechtbank Haarlem van 7 oktober 2008 (ECLI:NL:RBHAA:2008:BF8067) waarin de termijnoverschrijding vanwege de medische situatie bij eiser verschoonbaar is geacht.
Daarnaast benadrukt opposant de situatie van de helper van opposant (mevrouw [helper 1] ). Haar vader is in februari 2020 in Tunesië overleden. Toen zij terug kwam uit Tunesië is zij door de vorige helper van opposant – de heer [helper 2] , die namens hem bezwaar had ingesteld – op de hoogte gebracht van de beslissing. Op 3 april 2020 heeft zij van hem vernomen dat de termijn die dag afliep. Zij wist ook niet goed hoe en of zij een advocaat in kon schakelen door de hele situatie rondom Covid-19. Uiteindelijk is op 6 april 2020 door gemachtigde beroep ingesteld.
4. De rechtbank volgt de vergelijking met de uitspraak van rechtbank Haarlem van
7 oktober 2008 niet. Ook volgt de rechtbank opposant niet in zijn stelling dat de medische situatie van opposant zorgt voor een verschoonbare termijnoverschrijding. De uitspraak van de rechtbank Haarlem heeft betrekking op een persoon die zelf een brief had ontvangen waar hij /zij op tijd op had moeten reageren. Omdat de beslissing op bezwaar is gestuurd naar de heer [helper 2] gaat deze vergelijking niet op. Ook om die reden is de medische situatie van opposant geen reden om het te laat indienen van het beroepschrift verschoonbaar te achten.
De persoonlijke situatie van mevrouw [helper 1] ziet de rechtbank ook niet als een verschoonbare reden. In dit geval had het wellicht op de weg van de heer [helper 2] gelegen om een pro-forma beroepschrift in te dienen naar aanleiding van de beslissing op bezwaar. In elk geval had mevrouw [helper 1] dit kunnen doen nadat zij op de hoogte was gesteld van het besluit. Zoals uit het WhatsApp gesprek volgt wat door opposant is overlegd, was zij vóór 3 april 2020 op de hoogte van het besluit.
5. Dit betekent dat het verzet ongegrond is en dat de uitspraak van de rechtbank van
21 september 2020 in stand blijft.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van
P.W. Hogenbirk, griffier. De beslissing is uitgesproken op 14 december 2020 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak kunt u niet in hoger beroep.