ECLI:NL:RBMNE:2020:6038
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging persoonsgebonden budget wegens niet-naleving zorgvoorwaarden en verkeerde besteding
Eiseres, met een verstandelijke beperking en zorgprofiel VG3, ontving sinds 2016 een persoonsgebonden budget (pgb) voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Verweerder beëindigde het pgb per 12 juli 2019 vanwege het niet voldoen aan de voorwaarden, aanvankelijk wegens het niet toestaan van een huisbezoek, later vanwege onjuiste besteding en afwijkingen van de zorgovereenkomst.
De rechtbank oordeelde dat de zorg die eiseres ontving meer kenmerken van behandeling vertoonde dan van begeleiding, wat niet uit het pgb betaald mag worden. Activiteiten zoals begeleiding bij sociale contacten en vrijwilligerswerk vielen niet onder de Wlz, maar onder de Wet maatschappelijke ondersteuning. Daarnaast was de gewaarborgde hulp niet in staat de pgb-verplichtingen na te komen.
Verweerder had zorgvuldig onderzoek gedaan en een belangenafweging gemaakt waarbij het algemeen belang bij correcte besteding van pgb-gelden zwaarder woog dan het individuele belang van eiseres. De rechtbank vond het passend dat eiseres zorg via zorg in natura (ZIN) ontvangt en wees het beroep af. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2020.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en het persoonsgebonden budget is terecht beëindigd.