Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
op of omstreeks 9 december 2018 in de gemeente Winterswijk samen met een ander heeft geprobeerd [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] af te persen;
op of omstreeks 9 december 2018 in de gemeente Winterswijk samen met een anderen heeft geprobeerd van [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] te stelen, waarbij de diefstal werd voorafgegaan/vergezeld/gevolgd door geweld/bedreiging met geweld;
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
Het wapen waarmee ik geschoten heb, heb ik weggegooid. Tussen twee rotondes in is dat gebeurd. [17]
Op 9 december 2018 omstreeks 03:20 uur startte ik met mijn speurhond menselijke lucht Bartje een onderzoek op de [straat] te [woonplaats] . [18] Ik zette de zoeking voort aan de linkerzijde van de Rondweg West in de richting van de Europalaan en zag na enkele tientallen meters dat mijn speurhond Bartje opeens naar een voorwerp toe liep welke half onder het blad lag van een boom. Ik keek en zag een handvuurwapen liggen.
5.BEWEZENVERKLARING
op 9 december 2018, in de gemeente [woonplaats] , ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld personen, genaamd [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] te dwingen tot de afgifte van geld, geheel of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer 1] en/ of die [slachtoffer 2] ,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
in de periode van 1 oktober 2018 tot en met 9 december 2018, in Nederland, een wapen van categorie III, te weten een vuurwapen (merk Crvena Zastava, model 70, kaliber 7.65 mm), voorhanden heeft gehad.
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd;
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III strafbaar gesteld bij artikel 55, derde lid onder a van de Wet wapens en munitie.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
- een pro Justitia psychologisch onderzoek van 14 april 2019, opgemaakt door
- een pro Justitia forensisch milieuonderzoek van 11 april 2019, opgemaakt door
- een reclasseringsadvies (raadkamer voorlopige hechtenis) van 9 juli 2019, opgemaakt door H. Last, reclasseringswerker bij Reclassering Nederland Advies & Toezichtunit.
9.BESLAG
10.BENADEELDE PARTIJEN [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]
11.VORDERING TENUITVOERLEGGING
12.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 36f, 45, 47, 57, 317 van het Wetboek van Strafrecht en
- 26 en 55 van de Wet wapens en munitie;
13.BESLISSING
gevangenisstrafvan
13 maanden;
- broek, PL00600-2018553894-1873176;
- jas, PL0600-2018553894-1873177;
- 1 paar schoenen, PL0600-2018553894-1873178;
- 1 paar zwarte sokken, PL0600-2018553894-1873179;
- tas, PL0600-2018553894-1873180;
- vest, PL0600-2018553894-1873201;