Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Procesverloop
- een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel d.d. 14 februari 2020;
- de medische verklaring d.d. 14 februari 2020.
Rechtbank Midden-Nederland
De officier van justitie verzocht op 14 februari 2020 om voortzetting van een crisismaatregel op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die opgenomen was vanwege een psychotische stoornis.
Tijdens de mondelinge behandeling op 17 februari 2020 verklaarde betrokkene dat zij aanvankelijk bang was, maar nu beter begrijpt dat haar gedrag ontoelaatbaar was en zij graag vrijwillig onder intensieve begeleiding wil blijven. De psychiater bevestigde dat voortzetting van de verplichte zorg niet langer noodzakelijk is en dat afspraken worden gemaakt over vrijwillige voortzetting.
De rechtbank concludeerde dat betrokkene zich niet verzet tegen noodzakelijke zorg en dat de verplichte voortzetting van de crisismaatregel daarom niet gerechtvaardigd is. Het verzoek van de officier van justitie werd afgewezen.
De beschikking werd mondeling gegeven op 17 februari 2020 en schriftelijk uitgewerkt op 3 maart 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen omdat betrokkene vrijwillig onder begeleiding wil blijven.