Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Procesverloop
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
Rechtbank Midden-Nederland
De officier van justitie verzocht op 3 januari 2020 om verlenging van een crisismaatregel ten aanzien van betrokkene, een persoon geboren in 1997 en woonachtig in Polen. De crisismaatregel was eerder op 3 januari 2020 opgelegd. Ter onderbouwing werden een eerdere beslissing en een medische verklaring overgelegd.
Op 6 januari 2020 vond de mondelinge behandeling plaats in Utrecht, waarbij de betrokkene, zijn advocaat en een psychiater werden gehoord. De psychiater gaf aan dat voortzetting van de crisismaatregel niet langer noodzakelijk was. De advocaat van betrokkene pleitte voor afwijzing van het verzoek en gaf aan dat betrokkene bereid was vrijwillig nog enkele dagen op de afdeling te blijven.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake meer was van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel veroorzaakt door gedrag voortvloeiend uit een psychische stoornis. Daarom werd het verzoek tot verlenging van de crisismaatregel afgewezen. De beschikking werd op 6 januari 2020 mondeling gegeven en op 13 januari 2020 schriftelijk vastgelegd. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Verzoek tot verlenging van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens ontbreken van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.