ECLI:NL:RBMNE:2021:1108
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen vastgestelde WOZ-waarde hoekwoning in Utrecht
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de vastgestelde WOZ-waarde van haar hoekwoning te Utrecht, die door verweerder is vastgesteld op €163.000,- met waardepeildatum 1 januari 2018. Verweerder handhaafde deze waarde en onderbouwde dit met een taxatiematrix gebaseerd op vergelijkbare referentiewoningen uit dezelfde straat en bouwjaar.
De rechtbank overwoog dat de WOZ-waarde de marktwaarde weerspiegelt, bepaald door vergelijking met referentiewoningen. Verweerder heeft aannemelijk gemaakt dat de waarde niet te hoog is vastgesteld, mede doordat hoekwoningen een hogere kubieke meterprijs rechtvaardigen dan rijwoningen. De door eiseres aangevoerde lagere kubieke meterprijs en een verkoopprijs van een andere woning zijn onvoldoende om de vastgestelde waarde te verlagen.
De rechtbank concludeert dat verweerder zorgvuldig en gemotiveerd heeft gehandeld en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter Rijlaarsdam en griffier De Weerd op 18 maart 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van de woning wordt ongegrond verklaard.