Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 januari 2021 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser trad in 2009 in dienst bij de gemeente Utrecht en werd in 2016 officemanager bij het Wijkteam Zuidwest. Vanaf 2017 ontstond een verstoorde arbeidsverhouding, waarbij eiser door collega’s als bazig werd ervaren. Na meerdere gesprekken, mediation en coaching bleef de relatie gespannen. In mei 2019 kondigde de gemeente het voornemen tot ontslag aan wegens deze onherstelbare verstoorde arbeidsrelatie.
Eiser betwistte het ontslag en voerde onder meer aan dat er sprake was van ongelijkwaardige behandeling, omdat zijn integriteitsschending werd bestraft terwijl ongewenst gedrag van collega’s werd genegeerd. Ook stelde hij dat het ontslag onzorgvuldig was en dat een andere functie binnen de organisatie niet was onderzocht.
De rechtbank oordeelde dat de verstoorde arbeidsverhouding ten tijde van het ontslag voortzetting van het dienstverband redelijkerwijs onmogelijk maakte. Er was voldoende onderzoek gedaan naar het ongewenste gedrag van collega’s, dat niet concreet was onderbouwd door eiser. De integriteitsschending was terecht vastgesteld. De rechtbank vond het ontslagbesluit zorgvuldig gemotiveerd en de minimumgarantie-uitkering passend gezien de omstandigheden. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het ontslag wegens onherstelbare verstoorde arbeidsverhouding en integriteitsschending wordt ongegrond verklaard.