ECLI:NL:RBMNE:2021:1290
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op aangepast leerlingenvervoer en hardheidsclausule gemeente Utrecht
Eiseres heeft bij de gemeente Utrecht een aanvraag gedaan voor aangepast schoolvervoer voor haar zoon, die naar speciaal basisonderwijs gaat. De gemeente wees deze aanvraag af omdat de afstand tussen het vervoersadres en de school minder dan 2 kilometer bedraagt, hetgeen volgens de geldende verordening een criterium is voor het toekennen van aangepast vervoer.
Eiseres stelde dat vanwege de kwetsbaarheid en trauma’s van haar zoon, en haar eigen lastige thuissituatie als alleenstaande ouder met wisselende diensten, de hardheidsclausule toegepast moest worden. De gemeente vond echter dat de situatie niet uitzonderlijk was en dat de hardheidsclausule niet van toepassing was.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente zich redelijkerwijs op dit standpunt kon stellen. De door eiseres overgelegde bewijsstukken, waaronder een werkgeversverklaring en een verklaring van de school, waren onvoldoende concreet om aan te tonen dat zij onmogelijk in staat was haar zoon te begeleiden. Ook werd benadrukt dat het in principe de verantwoordelijkheid van ouders is om hun kinderen naar school te begeleiden.
De rechtbank concludeerde dat de hardheidsclausule niet toegepast hoefde te worden en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter J.H. Lange op 1 april 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van aangepast leerlingenvervoer wordt ongegrond verklaard.