Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 9 april 2021 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
I Aanvaardbaar niveau van geurhinder
19 februari 2019 aangeeft dat in het geurrapport een gangbare benadering is gehanteerd en dat wordt voldaan aan de richtwaarde. Daarnaast is uit het geuronderzoek vast komen te staan dat de geurcontour onder de oude omgevingsvergunning voor eiser nadeliger was en dat met de nu verleende omgevingsvergunning deze contour verder weg is gelegen van de woning van eiser. De heer [D] heeft op de zitting toegelicht dat dit mede komt door de hogere schoorsteen van 35 meter waardoor het emissiepunt hoger ligt. Met deze toelichting op zitting is alsnog voldoende gemotiveerd waarom de gebruikte richtwaarde is genomen als aanvaardbaar niveau van geurhinder.
II Goede ruimtelijke ordening
III Conclusie
Beslissing
mr. N.M.H. van Ek en mr. J.R. van Es-de Vries, leden, in aanwezigheid van
mr. I.C. de Zeeuw-'t Lam, griffier. De beslissing is uitgesproken op 9 april 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.