ECLI:NL:RBMNE:2021:1514
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering openbaarmaking documenten examencommissie op grond van Wob
Eiser verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om openbaarmaking van positieve herbeoordelingsbesluiten en correspondentie met betrekking tot zijn bezwaren en herzieningsverzoeken bij de Examencommissie Beroepsopleiding Advocaten. Verweerder weigerde delen van de gevraagde documenten openbaar te maken op grond van artikel 10, tweede lid, onder e en g, van de Wob, vanwege bescherming van persoonsgegevens en het voorkomen van onevenredige benadeling van betrokkenen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de weigering terecht was omdat de documenten persoonsgegevens bevatten die vertrouwelijk moesten blijven, mede vanwege het belang van vertrouwelijkheid van examens en toetsontwikkeling. Tevens was niet aannemelijk gemaakt dat er meer correspondentie bestond dan door verweerder was gevonden en openbaar gemaakt. De procedure werd als traag ervaren, maar er was geen sprake van schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Er werd geen griffierecht geheven vanwege betalingsonmacht. De uitspraak bevestigt dat de belangen van privacy en toetsintegriteit zwaarder wegen dan het belang van volledige openbaarmaking in deze context.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot weigering van openbaarmaking van documenten is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.