ECLI:NL:RBMNE:2021:1594
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen intrekking Ziektewet-uitkering wegens geschiktheid voor arbeid
Eiser was werkzaam als schoonmaker en meldde zich ziek wegens psychische klachten. Verweerder besloot op basis van een medisch rapport van een verzekeringsarts dat eiser geschikt is voor de maatgevende arbeid en beëindigde de Ziektewet-uitkering per 2 september 2019.
Eiser voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was omdat geen lichamelijk onderzoek plaatsvond en er geen informatie werd opgevraagd bij de behandelend sector. Ook stelde hij dat zijn beperkingen werden onderschat en verzocht om benoeming van een deskundige.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, mede omdat de verzekeringsarts dossieronderzoek had gedaan, overleg had met de huisarts en de psychische klachten centraal stonden. Het ontbreken van een lichamelijk onderzoek en aanvullende informatie was niet onzorgvuldig. De medische beoordeling werd niet betwist met een medisch rapport.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel terecht was genomen en dat de klachten van eiser geen reden zijn om de medische beoordeling te verwerpen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen deskundige benoemd.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de Ziektewet-uitkering wordt ongegrond verklaard.