Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- Bevindt het letsel zich in de buurt van een slagader?
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
- een gevangenisstraf van 5 jaren, met aftrek van het voorarrest;
- de ongemaximeerde terbeschikkingstelling (TBS-maatregel) van verdachte met bevel tot verpleging van overheidswege.
- een gevangenisstraf van 8 jaren, met aftrek van het voorarrest;
- een dadelijk uitvoerbare vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 38v Wetboek van Strafrecht, in de vorm van een contactverbod met aangeefster en de kinderen voor de duur van 5 jaren, bij iedere overtreding te vervangen door 1 week hechtenis;
- een gedragsbeïnvloedende of vrijheidsbeperkende maatregel als bedoel in artikel 38z Wetboek van Strafrecht.
9.BENADEELDE PARTIJ
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
- verklaart het ten laste gelegde bewezen als hiervoor in rubriek 5 is vermeld;
- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;
- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;
- verklaart verdachte strafbaar;
- veroordeelt verdachte tot
- bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.
maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperkingop grond van 38z Wetboek van Strafrecht;
- legt aan verdachte op de
- deze maatregel houdt in dat verdachte zich
- indien niet aan de maatregel wordt voldaan zal vervangende hechtenis worden toegepast voor de duur van 1 (één) week voor iedere keer dat niet is voldaan aan de maatregel met een maximum van 6 (zes) maanden (180 dagen);
- beveelt dat de vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38v, vierde lid van het Wetboek van Strafrecht
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over € 10.000,-- vanaf 11 juni 2008 en vermeerderd met de wettelijke rente over € 15.000,-- vanaf 1 januari 2018 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 1] voor het overige niet-ontvankelijk in haar vordering en bepaalt dat deze kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 25.000,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente over € 10.000,-- vanaf 11 juni 2008 en vermeerderd met de wettelijke rente over € 15.000,-- vanaf 1 januari 2018 tot de dag van volledige betaling. Als door verdachte niet wordt betaald, zal deze verplichting worden aangevuld met 160 dagen gijzeling, waarbij toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018 tot de dag van volledige betaling;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 5.000,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018 tot de dag van volledige betaling. Als door verdachte niet wordt betaald, zal deze verplichting worden aangevuld met 60 dagen gijzeling, waarbij toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018 tot de dag van volledige betaling;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat € 5.000,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018 tot de dag van volledige betaling. Als door verdachte niet wordt betaald, zal deze verplichting worden aangevuld met 60 dagen gijzeling, waarbij toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 4] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018 tot de dag van volledige betaling;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 4] aan de Staat € 5.000,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2018 tot de dag van volledige betaling. Als door verdachte niet wordt betaald, zal deze verplichting worden aangevuld met 60 dagen gijzeling, waarbij toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- verklaart
- bepaalt dat de benadeelde partij de vordering kan aanbrengen bij de burgerlijke rechter;
- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt.