ECLI:NL:RBMNE:2021:1796
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen omgevingsvergunning voor woningbouw ondanks geringe bestemmingsplanafwijkingen
Verweerder verleende een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning, het kappen van bomen en het aanleggen van een uitweg op een perceel in Hilversum. Eiser, bewoner van een aangrenzend perceel, maakte bezwaar tegen de vergunning omdat het bouwplan niet in het straatbeeld zou passen en in strijd zou zijn met het bestemmingsplan.
De Commissie voor Welstand en Monumenten (CWM) gaf na aanpassingen een positief welstandsadvies, dat door verweerder werd gevolgd. De rechtbank oordeelde dat het welstandsadvies zorgvuldig tot stand was gekomen en dat verweerder dit terecht als grondslag voor het besluit mocht gebruiken.
Het bouwplan bleek op twee punten in strijd met het bestemmingsplan: de afstand van een slaapkamer en een berging tot het hoofdgebouw overschreed de maximale toegestane afstand. Verweerder had deze strijdigheden niet correct afgehandeld, maar stelde dat toepassing van de kruimelgevallenregeling (artikel 6:22 Awb Pro) gerechtvaardigd was omdat de afwijkingen gering waren en het bouwplan in overeenstemming was met een goede ruimtelijke ordening.
De rechtbank volgde dit standpunt en passeerde de gebreken. Het beroep werd ongegrond verklaard. Daarnaast veroordeelde de rechtbank verweerder tot betaling van proceskosten en griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning is ongegrond verklaard en de geringe bestemmingsplanafwijkingen zijn gepasseerd op grond van de kruimelgevallenregeling.