ECLI:NL:RBMNE:2021:1945
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen WOZ-waarde woning te Hilversum ongegrond verklaard
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning aan een adres te Hilversum voor het belastingjaar 2019, vastgesteld op €1.079.000,-. Verweerder handhaafde deze waarde en onderbouwde dit met een taxatiematrix en een uitgebreide toelichting.
De rechtbank oordeelt dat verweerder aannemelijk heeft gemaakt dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld, mede door toepassing van de vergelijkingsmethode met referentiewoningen en een gedetailleerde taxatiematrix. De door eiser aangevoerde bezwaren, waaronder het ontbreken van uitleg over de wortelformule en de staat van onderhoud van de woning, worden door de rechtbank verworpen op grond van de verstrekte toelichtingen en bewijsstukken.
Ook de door eiser aangehaalde referentieobjecten die niet in de taxatiematrix zijn opgenomen, worden niet meegenomen in de waardebepaling. De rechtbank concludeert dat verweerder zijn waardebepaling voldoende heeft gemotiveerd en dat het beroep ongegrond is. Er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €1.079.000,- wordt ongegrond verklaard.