Eiseres ONVZ vordert betaling van twee zorgnota's van gedaagde, die vanaf het begin om specificatie vroeg vanwege onduidelijkheid over de facturen. Pas na de mondelinge behandeling erkende ONVZ dat de datum op een nota niet de behandel- maar de startdatum van een DBC was. Gedaagde betwistte daarna de nota niet meer, maar voerde verweer tegen de proceskostenveroordeling vanwege gebrekkige administratie en communicatie.
De kantonrechter stelde vast dat een bedrag van €754,16 openstond, maar omdat ONVZ haar vordering beperkte tot €500, werd dit toegewezen. Rente en buitengerechtelijke kosten hoefde gedaagde niet te betalen, omdat ONVZ onvoldoende had gedaan voor buitengerechtelijke voldoening en gedaagde herhaaldelijk om specificatie had gevraagd.
Daarnaast speelde een geschil over de kosten van betekening van een eerder vonnis, waarbij ONVZ ondanks betaling van gedaagde het vonnis alsnog liet betekenen en loonbeslag dreigde. Dit leidde tot het oordeel dat gedaagde ook de proceskosten niet hoeft te vergoeden. De kantonrechter veroordeelde gedaagde tot betaling binnen veertien dagen en riep partijen op tot duidelijke communicatie en overleg om verdere procedures te voorkomen.